VRIJE ACADEMIE
WERKPLAATS
VOOR BEELDENDE
KUNSTEN

 

Overzicht workshops

Overzicht begeleiders

Programma & Tarieven

Brochure in .pdf formaat

Inschrijfformulier workshops

Registration Form workshops

Zoeken

Home

 

 

 

MEERJARENBELEIDSPLAN 2009 - 2012


ALGEMENE INFORMATIE

Doelstelling

De doelstelling van de Vrije Academie Werkplaats voor Beeldende Kunsten is plaats bieden aan productie, ontwikkeling, reflectie en presentatie van beeldende kunst. Het accent ligt daarbij op het leggen van dwarsverbanden met actuele processen in de (mondiale) samenleving. Daartoe richt de academie zich op onderzoek naar hedendaagse ontwikkelingen in de beeldende kunst en op het zicht- en bespreekbaar maken van mogelijke relaties met politieke en sociaal-culturele issues. Multiculturaliteit en de ontmoeting van westerse en niet-westerse kunst(enaars) hebben hierin bijzondere aandacht.
Het perspectief van waaruit de academie dit streven wil waarmaken, blijft immer dat van de beeldende kunst met inbegrip van haar eigen tradities en intrinsieke waarden. De academie wil in de eerste plaats een werkplaatsencomplex zijn waar kunst wordt ontwikkeld, gemaakt en gepresenteerd, en waar vooral plaats is ingeruimd voor (zelf)kritisch onderzoek naar de positie van de beeldende kunst in een globaliserende samenleving. Daartoe wil het instituut getalenteerde, gemotiveerde kunstbeoefenaars, met of zonder kunstopleiding ruimte bieden zich verder te ontwikkelen. In deze doelstelling past ook het aantrekken van gerenommeerde kunstenaars uit binnen- en buitenland, die gevraagd worden om als artist-in-residence hun kennis, inzichten en vaardigheden in dienst te stellen van didactische overdracht.
Naar buiten toe gericht wil de academie het publiek een podium bieden dat landelijk aandacht trekt, en in stedelijke context haar beleid afstemmen op de internationaliserende infrastructuur van Den Haag. Niet alleen vanwege haar betekenis als regeringsstad met haar Internationaal Gerechtshof, haar vele ambassades en expats, maar ook vanwege de vele uit verschillende culturen afkomstige bewoners die de stad in de afgelopen decennia zijn komen bevolken.
Een belangrijk instrument in deze ambitie vormt het samenwerkingsverband dat de academie recentelijk is aangegaan met het Gemeentemuseum Den Haag: Gemak, het nieuwe centrum voor kunst, maatschappij en politiek, dat is gehuisvest op de begane grond van het academiegebouw aan de Paviljoensgracht. Een plek waar door middel van tentoonstellingen, lezingen en debatten verbindingen worden gelegd tussen kunst, politiek en samenleving.

Functies in het culturele veld

De werkplaatsfunctie
De academie functioneert in de eerste plaats als aanbieder van individuele en collectieve werkplaatsen. Door middel van vakinhoudelijke en technische begeleiding stelt zij de deelnemers in staat om hun artistieke vermogens te ontwikkelen en zich verder te oriënteren op de professionele kunstpraktijk. Daartoe beschikt de instelling over goed geoutilleerde werkplaatsen met professionele technische ondersteuning. Een klein team van professionele kunstenaars draagt zorg voor de artistiek-inhoudelijke begeleiding van de deelnemers.

Een verruiming van de werkplaatsfunctie is het in najaar 2007 gestarte initiatief genaamd DNA (De Nieuwe Academie). Met dit initiatief wil de academie zich richten op een nieuwe categorie deelnemers. Zich positionerend tussen het kunstonderwijs en het werkveld ambieert de Vrije Academie een nieuwe werkplaatsfunctie die vergeleken kan worden met postgraduate instellingen als de Rijksakademie en De Ateliers. Als onafhankelijk instituut biedt zij recent afgestudeerde kunstenaars en bijzonder getalenteerden zonder kunstopleiding individuele ateliers aan en organiseert zij voor deze doelgroep een specifiek begeleidingsprogramma. Om de zes weken worden gerenommeerde kunstenaars, kunstbeschouwers en curatoren uit binnen- en buitenland uitgenodigd om naast de individuele begeleiding van de jonge kunstenaars onderzoeksactiviteiten te ontwikkelen, bijvoorbeeld uitmondend in lezingen, groepsgesprekken, presentaties en excursies. Onderliggende doelstelling van DNA is het creëren van een ideaal werkklimaat waarin de deelnemende kunstbeoefenaars zich op professioneel niveau verder kunnen ontwikkelen, en waarin op ongedwongen wijze contact kan worden gemaakt met spraakmakende personen en instellingen uit de kunstwereld. Dit alles om een vloeiende oriëntatie op de professionele kunstpraktijk te stimuleren.
Een tweede verruiming van de werkplaatsfunctie is de samenwerking met World Wide Visual Factory
(voorheen World Wide Video Festival) die is ingezet om de nieuwe media een volwaardige plaats te geven in de werkpraktijk van de VA. Video en digitale media zijn niet meer weg te denken uit de hedendaagse kunst. Door de samenwerking met WWVF beschikt de academie over artistiek-inhoudelijke en vaktechnische expertise, naast een internationaal netwerk van vermaarde videokunstenaars. De grote belangstelling vanuit het werkveld voor de nieuwe media is aanleiding geweest om de functie van de werkplaatsen voor film en video te herdefiniëren en uit te breiden tot productieruimten voor de toepassing van installaties en performances. Onderdeel van de herdefinitie is het opzetten en organiseren van masterclasses en workshops op het gebied van de mediakunst. Een bijzonder initiatief, in samenwerking met WWVF tot stand gebracht, is Panorama Studio 1. Een 360 graden panoramische projectieruimte waarvoor internationale kunstenaars worden uitgenodigd speciale producties te maken, die op bepaalde presentatiemomenten en op verzoek worden vertoond. Met deze panoramische videopresentatievorm wordt op een eigentijdse wijze aansluiting gezocht met Den Haag als panoramastad. (het voormalige Sijthoff-Planetarium, Panorama Mesdag, de IMAX-koepelprojecties in het Omniversum en het 'Hemelse Gewelf' van de Amerikaanse lichtkunstenaar James Turrell in de Haagse Puinduinen)

Tot slot omvat de werkplaatsfunctie het bieden van werkruimten aan artists-in-residence. De VA heeft de afgelopen jaren een traditie opgebouwd in het uitnodigen van kunstenaars die gedurende bepaalde tijd op de academie komen werken. Kunstenaars uit binnen- en buitenland, en in het laatste geval veel kunstenaars uit niet-westerse landen, zoals bijvoorbeeld China, Japan, Marokko, Kongo, Kenia, Brazilië en het Midden-Oosten. Aan de kunstenaars wordt gevraagd om workshops en lezingen te verzorgen voor de deelnemers en het geïnteresseerde publiek van buiten de academie. In veel gevallen wordt hun artist-in-residenceship begeleid door of afgesloten met een tentoonstelling.
Het nieuwe samenwerkingsverband met het Gemeentemuseum Den Haag heeft een verruiming van het artist-in-residence-beleid tot gevolg. Kunstenaars die deel uit maken van tentoonstellingen in Gemak worden uitgenodigd om tijdens de duur van de expositie als artist-in-residence op de academie te werken. Tijdens deze werkperiode geven zij workshops en lezingen die betrekking hebben op de thema's van de respectievelijke tentoonstellingen. Indien van toepassing en realiseerbaar is het streven om daarbij de openbare ruimte in Den Haag als 'uitbreiding' van de gastateliers te betrekken.

De tentoonstellingsfunctie
De VA beschikte de afgelopen jaren over een representatieve tentoonstellingsruimte. De exposities die hier zijn gehouden volgden voor een groot deel de actuele ontwikkelingen in de beeldende kunst. Landelijk bekende kunstenaars werden uitgenodigd voor solo- en groepstentoonstellingen die voor eenieder vrij toegankelijk waren. Slechts een klein deel van het tentoonstellingsprogramma werd gereserveerd voor presentaties van werk van deelnemers. Met haar tentoonstellingsprogramma wilde en wil de academie het publieksbereik van haar instelling vergroten en verbreden. Daar is zij in de laatste drie jaar ook in geslaagd. Velen, die tot dan toe het instituut niet kenden, zijn inmiddels geregelde bezoekers geworden van de exposities. Ook studenten van de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten hebben de weg gevonden naar de tentoonstellingen van de academie. Met de komst van de groots verbouwde expositieruimte van Gemak in 2007 is het publieksbereik nog groter en diverser geworden. In hechte samenwerking met het Gemeentemuseum brengt de academie in Gemak tentoonstellingen tot stand waarin relaties worden onderzocht en getoond tussen kunst, maatschappij en politiek. Incidenteel, en meestal in de belendende multifunctionele ruimte worden er ook presentaties gewijd aan het werk van deelnemers van de VA.

De algemeen vormende functie
De algemeen vormende functie van de VA omvat in het kort de volgende praktijken: In samenwerking met Gemak worden maandelijks lezingen en debatten georganiseerd waarin de verbinding van kunst, politiek en samenleving centraal staat. Daarnaast vinden er openbare lezingen en gesprekken plaats die betrekking hebben op actuele ontwikkelingen in de kunst. In dit kader worden vanuit DNA ook voor iedereen toegankelijke bijeenkomsten georganiseerd. De Studium Generale programmering is toegespitst op het organiseren van lezingen en debatten waarin de relatie van kunst met andere disciplines, zoals wetenschap, literatuur en filosofie, wordt onderzocht,. Daarnaast vindt kennisoverdracht plaats in de diverse cursussen en workshops in het reguliere programma van de VA.

Cultuurinhoudelijke en maatschappelijke functie

De VA wil over de grenzen van de beeldende kunst heen dwarsverbanden leggen met actuele ontwikkelingen in cultuur, politiek, wetenschap en samenleving. De mondiale ontwikkeling van de beeldende kunst blijft daarbij de inhoudelijke referentie. Maar in het bijzonder wil de VA niet alleen de autonome ontwikkeling van de kunst volgen, maar vooral haar positie in een zich sterk veranderende samenleving onderzoeken. De VA zoekt daarbij naar een werkbare herdefiniëring van begrippen als betrokkenheid en engagement. Met deze zichzelf gestelde opdracht wil de VA ook samenwerking zoeken met instellingen in het stedelijke culturele netwerk. In korte tijd heeft Gemak een stroom aan landelijke publiciteit gegenereerd, hetgeen tot hoge bezoekersaantallen heeft geleid. Met Kosmopolis Den Haag worden in samenwerking met Stroom, Heden, Quartair en Galerie Maurits van der Laar mogelijkheden van internationale culturele uitwisselingen onderzocht. In 2007 is voor het eerst samengewerkt met het festival Winternachten. Eén van de gasten van het festival, de Marokkaanse schrijver/kunstenaar Youssouf Amine Elalamy, heeft als artist-in-residence op de VA gewerkt en geëxposeerd. Dit samenwerkingsverband heeft er mede toe bijgedragen dat Youssouf Amine Elalamy in de zomer van 2008 een grote opdracht realiseert voor de stad Rotterdam. Het contact met de KABK is verstevigd. Studenten van de KABK kunnen extra punten krijgen bij het bezoek aan het Studium Generale en de tentoonstellingen en nemen deel aan workshops van de VA. Een gloednieuwe samenwerking is gevonden met toneelgroep De Appel. In het kader van de marathonvoorstelling Odysseus zal de VA met De Appel een aantal kunstprojecten organiseren. Vanuit DNA is samenwerking tot stand gebracht met vzw WARP uit Sint-Niklaas in België, een nieuw kunstinitiatief dat zich toelegt op het organiseren van internationale tentoonstellingen en lezingenprogramma's. Recentelijk is er samenwerking tot stand gebracht met het ISS (Institute of Social Studies) dat samen met de VA culturele projecten voor zijn studenten zal organiseren. Doel van het eerste project is deze buitenlandse studenten, via kunst en cultuur, vertrouwd te maken met de Nederlandse cultuur en in het bijzonder met de geschiedenis en de actualiteit van Den Haag.

Reguliere activiteiten

De VA biedt aan ongeveer 100 deelnemers ruimte om aan hun artistieke ontwikkeling te werken. Een groot aantal van hen maakt gebruik van de collectieve werkruimtes en wordt individueel begeleid. Gedurende het hele jaar worden workshops aangeboden op het gebied van diverse beeldende disciplines, naast theoretische cursussen op het terrein van o.a. kunstgeschiedenis en filosofie. Daarnaast heeft de VA vanaf september 2007 een specifiek programma ontwikkeld voor academieverlaters en uitzonderlijk getalenteerde kunstbeoefenaars zonder vooropleiding (DNA). Op het ogenblik hebben zich vier kunstenaars ingeschreven die allen beschikken over een eigen atelier in het academiegebouw. Via een roulerend systeem van gastdocenten krijgen zij individuele begeleiding. De belangstelling voor dit initiatief is groeiende. Er wordt gezocht naar uitbreiding van de individuele ateliers. In samenwerking met World Wide Visual Factory worden masterclasses mediakunst georganiseerd en worden internationale kunstenaars uitgenodigd om specifieke videoproducties te maken voor het 360 graden projectiescherm. De VA organiseert regelmatig Studium Generale programma's bestaande uit lezingen, debatten, tentoonstellingen en filmvertoningen. Deze thematische programma's zijn voor iedereen gratis toegankelijk en worden goed bezocht. Voorts verleent de VA artistiek asiel aan kunstenaars die hun land om politieke redenen hebben moeten ontvluchten. Kunstenaars met een andere manier van kunst maken. Niet alleen vanwege hun culturele achtergrond, maar ook door de functie die kunst had/heeft in hun landen van herkomst.
In het najaar 2007 is samenwerking aangegaan met het Gemeentemuseum Den Haag in de vorm van Gemak, het nieuwe expositie- en debatcentrum voor kunst, maatschappij en politiek. Daartoe is de begane grond van de VA ingrijpend verbouwd tot een schitterende tentoonstellingsruimte waarin westerse en niet-westerse kunst naast elkaar worden getoond.

TERUGBLIK OP EN EVALUATIE VAN DE PERIODE 2005-HEDEN

Korte voorgeschiedenis
De afgelopen drie jaar heeft de VA, mede ondersteund door Fonds 1818, gewerkt aan een proces van revitalisering. In de periode voorafgaand aan de revitalisering heeft de VA te maken gehad met een situatie die impulsen ter vernieuwing in de weg zat. De academie vormde toen nog te zeer een op zichzelf staand instituut dat weinig op had met de buitenwereld, en dat steeds meer verwijderd was geraakt van haar oorspronkelijke doelstelling. De werkplaatsen werden bevolkt door oudere kunstenaars die er lange tijd verbleven en er gestaag aan hun eigen werk doorwerkten. Er schreven zich relatief weinig nieuwe deelnemers in. De sfeer werd door sommige buitenstaanders uit het werkveld gekarakteriseerd als 'ingedut'. (Zie bijgesloten onderzoek van Vinken & Van Kampen).

Start en aanpak van de revitalisering
In haar vernieuwingsbeleid richt de VA zich op de volgende kerntaak: De academie uit haar zelfverkozen isolement halen, en verbindingen en aanknopingspunten zoeken met de buitenwereld. Allereerst op stedelijk niveau door contacten aan te gaan met de directe omgeving en met instellingen op het gebied van onderwijs, kunst en cultuur. Op landelijk en mondiaal niveau door, met de kunst als beeldend en verbeeldend instrument, de betrokkenheid met politieke, sociale en culturele processen in de samenleving tot één van de belangrijkste richtsnoeren van haar beleid te maken. Zo zijn er bijvoorbeeld projectmatig verbanden aangegaan met het Van Kinderenmuseum, de Hogeschool InHolland, Oxfam, de Zuidwalschool en Atelier de Haagsche School.
Geleidelijk aan werd een andere mentaliteit en een nieuwe werkpraktijk geïntroduceerd. Niet langer werd de l'art pour l'art doelstelling aangehangen, maar werden over de vertrouwde kunsthorizon heen dwarsverbanden gelegd met actuele gebeurtenissen in de samenleving, in Nederland en ver daarbuiten. In 2004 werden de eerste initiatieven genomen om niet-westerse kunstenaars uit te nodigen om gedurende bepaalde tijd als artist-in-residence op de VA te komen werken en te exposeren. Zo werden kunstenaars uit Afrika uitgenodigd, gevolgd door kunstenaars uit het Midden-Oosten, China, Japan, Marokko, Brazilië en de nieuwe EU lidstaten. Hen werd de gelegenheid geboden hun artistieke identiteit in een westerse omgeving uit te dragen en te onderzoeken, en inzicht te geven in de culturele context waarin hun artistieke denken en handelen vorm heeft gekregen. Met de komst van deze kunstenaars werd tevens aandacht geschonken aan de sociale en politieke realiteit in hun landen van herkomst. Door de artists-in-residence te vragen lezingen te geven en workshops te verzorgen werden formeel en informeel contacten tot stand gebracht met westerse kunstenaars en personen werkzaam in de kunstwereld. Tegelijkertijd werd er maatschappelijke betrokkenheid gestimuleerd in de respectievelijke werkplaatsen van de academie. Dit nieuwe beleid heeft tot gevolg gehad dat andere publieksgroepen hun weg naar de academie vonden.

Vergroten en verbreden publieksbereik
Naast het streven naar verjonging in het deelnemersbestand (zo werden de toelatingscriteria aangescherpt en meer afgestemd op de belangstelling en motieven van een jongere generatie deelnemers) werd ook gestreefd naar een groter, breder publieksbereik. Het was immers een beleidsvoornemen om de VA open te stellen voor de 'buitenwereld'. Op verschillende niveaus is gepoogd om aan deze doelstelling tegemoet te komen. Allereerst door het aanbod van cursussen en workshops meer af te stemmen op de actualiteit. Ten tweede door regelmatig interessante Studium Generale programma's op te zetten voor deelnemers en andere belangstellenden. Voorts door in het tentoonstellingsbeleid het accent minder te leggen op het werk van de deelnemers, en meer aansluiting te zoeken bij de landelijke en internationale ontwikkelingen in de actuele kunst. Door een actievere publicitaire aanpak, onder meer de introductie van een in het oog springende vormgeving en regelmatige plaatsing van advertenties in landelijke magazines, is het tentoonstellingsbeleid van de VA inmiddels landelijk op de kaart gezet.
Met een nieuw Studium Generale concept werden begin 2005 de eerste vruchten afgeworpen van het revitaliseringsbeleid. De publieksstroom naar het eerste programma Tracks of Inner Engagement was boven alle verwachting. In vier sessies hielden gerenommeerde kunstenaars, wetenschappers en schrijvers lezingen en gingen zij met elkaar in gesprek. Bij de lezing van de internationaal vermaarde
Belgische kunstenaar Luc Tuymans en het navolgende tweegesprek met filosoof Ad Verbrugge was de publieke belangstelling overweldigend, evenals bij de bijeenkomst met natuurwetenschapper Robbert Dijkgraaf en kunstenaar Pieter Laurens Mol. Ook het project Focus op China dat in het najaar 2005 in het kader van een groots opgezette landelijke China-manifestatie plaats vond, trok veel bezoekers. Na een reis van een VA-delegatie naar China, werd een aantal Chinese kunstenaars uitgenodigd om op de VA te werken, lezingen te geven en te exposeren. Bij deze gelegenheid gaf de VA een boek uit dat de geschiedenis van het moderne China en de hedendaagse kunst in een historische context plaatst. Aandacht trokken ook de thematische bijeenkomsten over geweld in een mondiale samenleving van PAIK (Platform Actuele Interculturele Kunst), een vanuit de VA ontwikkeld initiatief dat medio 2008 op zal gaan in GEMAK. De conclusie is dat in 2006 en 2007 de vergroting van het publieksbereik bij voortzetting van het hernieuwde Studium Generale- en tentoonstellingsbeleid is gecontinueerd.

Nieuwe impulsen werkplaatsfunctie
In de periode na 2005 werden ook stappen ondernomen om de hoofdzakelijk nog op de oude leest gestoelde werkplaatsfunctie van nieuwe impulsen te voorzien. Een aantal initiatieven zorgde voor een nieuwe dynamiek in de werkpraktijk van de VA. Allereerst werd m.b.t. het aantrekken van begeleiders niet alleen maar uit de Haagse kunstenaarspopulatie geput, maar werd - gelet op competentie en kwaliteit - een beroep gedaan op kunstenaars uit het hele land. Een effectieve impuls werd gegeven door een doorlopend project waarbij kunstenaars, op grond van hun affiniteit met een bepaald deelgebied in de beeldende kunst, gedurende enkele weken als artist-in-residence op de academie verbleven om van daaruit hun kennis en vaardigheden aan de deelnemers over te dragen. De invloed van dit op het 'meester-gezel' principe gebaseerde initiatief is nog steeds merkbaar in de werkhouding van sommige deelnemers. Twee andere initiatieven hebben een vernieuwing van het deelnemersbestand bewerkstelligd. Allereerst de samenwerking met World Wide Visual Factory. De masterclasses die met het WWVF werden georganiseerd hebben een nieuwe categorie deelnemers aangetrokken. Voorts het in september 2007 gestarte initiatief DNA. De jong afgestudeerden aan landelijke academies en hun speciaal voor dit doel aangetrokken begeleiders zorgen letterlijk en figuurlijk voor beweging aan de Paviljoensgracht.

Samenwerking met andere stedelijke instellingen
In de periode 2005 tot heden is met vele instellingen samengewerkt. De meest in het oog springende samenwerking is die met het Gemeentemuseum Den Haag, dat onder de naam Gemak opereert. Voordat dit samenwerkingsverband van start kon gaan, moest de begane grond van het academiegebouw rigoureus worden verbouwd tot een representatief expositie- en debatcentrum. Wie op 19 oktober 2007 aanwezig was bij de zeer drukbezochte opening kan alleen maar beamen dat Den Haag een prachtig centrum voor kunst en debat rijker is geworden. Het Gemeentemuseum en de VA zullen gezamenlijk werken aan een programma van exposities, lezingen en debatten waarin de maatschappelijke contextualisering van kunst centraal staat en waar in het bijzonder aandacht zal worden besteed aan verbindingen tussen westerse en niet-westerse kunst. Aan de eerste tentoonstelling Green Zone / Red Zone over de oorlog in Irak is in alle landelijke dagbladen uitvoerig aandacht besteed. Het aanmerkelijk toegenomen tentoonstellingsbezoek en de drukbezochte debatten bevestigen de goede start van het gloednieuwe samenwerkingsverband.

Conclusie
Het lijkt erop dat de ingezette revitalisering van de VA haar vruchten begint af te werpen. De VA is uit haar zelfverkozen isolement gekomen en speelt weer volop een rol in de culturele infrastructuur van Den Haag. Gestaag wordt het deelnemersbestand verjongd en gediversiveerd. De werkplaats- en algemeen vormende functie is met het aantrekken van toonaangevende deskundigen uit de kunstwereld aanmerkelijk geactualiseerd en geprofessionaliseerd. Met de komst van Gemak is er meer en nieuw publiek naar de Paviljoensgracht gekomen. Al deze bewegingen geven aan dat de VA op de goede weg is. Op dit moment bevindt de instelling zich in een overgangsfase, Omvormingsprocessen gaan niet zonder slag of stoot. Het enthousiasme, de ambitie en de know how is aanwezig. Er zullen nog veel hobbels moeten worden genomen. Niet in de laatste plaats het zoeken naar mogelijkheden om de ingezette lijn te bekostigen. Als kleine, wankele organisatie met grote ambities gaat de Vrije Academie die uitdaging met volle overtuiging aan!
PLANNEN EN ACTIVITEITEN VOOR DE PERIODE 2009-2012

Beleidsdoelen

De plannen en activiteiten voor 2009-2012 vloeien voor een belangrijk deel voort uit het revitaliseringbeleid dat door de VA in de vorige cultuurperiode is ingezet. In dit beleid worden de volgende doelen nagestreefd:

a. Het uitdragen van een nieuwe identiteit
b. Het professionaliseren van de werkplaats- en algemeen vormende functie
c. Het uitvoeren van een nieuw wervings- en toelatingsbeleid
d. Het structureren van de samenwerking met het Gemeentemuseum Den Haag
e. Het uitbouwen van de publieksfunctie
f. Het uitbreiden van samenwerkingsverbanden in het stedelijk netwerk

Het uitdragen van een nieuwe identiteit

De VA is in transitie. Er is de laatste vier jaar veel gebeurd met het instituut. Er is een nieuw beleid geformuleerd en er is een revitaliseringsproces in gang gezet gericht op het verweven van de verschillende vernieuwingsimpulsen met de oorspronkelijke traditie van de VA. Om dit proces te versnellen zijn intern nieuwe initiatieven ontplooid en samenwerkingen aangegaan met andere (stedelijke) instellingen op het terrein van kunst en cultuur. Dat heeft een sterke dynamiek teweeggebracht, maar heeft ook het beeld van de academie als kunstinstituut enigszins gefragmentariseerd. Zoals het vaak gaat met omvormingsprocessen is het de tijd die leert. Inmiddels is er op beleidsniveau een duidelijk beeld gevormd van de 'nieuwe' VA, duidelijk vervat in de eerder genoemde doelstelling van het instituut: "De Vrije Academie Werkplaats voor Beeldende Kunsten wil plaats bieden aan productie, ontwikkeling, reflectie en presentatie van beeldende kunst. Het accent ligt daarbij op het leggen van dwarsverbanden met actuele processen in de (mondiale) samenleving." Het verschil met het oude beeld van de academie ligt in de maatschappelijke contextualisering van de beeldende kunst versus de verabsolutering van haar autonome tradities. De Vrije Academie anno 2009 wil dit alles ten uitvoer brengen zonder de oorspronkelijke doelstelling, ooit door haar oprichter Livinus van de Bunt in 1947 geformuleerd, te verloochenen:

" Het doel van de Vrije Academie is te komen tot integrale vorming van beeldende kunstenaars en van zich kunstzinnig ontplooiende amateurs, waarbij gestreefd wordt naar een steeds onderzoekende beoefening van de vrije beeldende kunsten, opdat uitkomsten verwacht kunnen worden, die de vormgeving van de samenleving op een hoger peil brengen."

In wezen is de nieuw gedefinieerde doelstelling congruent aan de oorspronkelijke. Feit is echter dat het functioneren van het instituut in de afgelopen decennia nauwelijks nog werd gedragen door ideologische motieven. De 'nieuwe' VA wil de ideologische component weer terughalen in haar beleid, maar wel aangepast aan de mondiale probleemstellingen van deze tijd. Naar buiten toe wil de VA zich helder profileren als een kunstinstituut waarin productie, onderzoek en presentatie gericht blijven op actuele ontwikkelingen in de kunst, maar waar tevens dwarsverbanden met actuele processen in de samenleving worden onderzocht.

Het professionaliseren van de werkplaatsfunctie

Plannen en activiteiten werkplaatsfunctie
Wat de inrichting van haar werkplaatsfunctie betreft wil de VA vasthouden aan de oorspronkelijke doelstelling. Namelijk artistiek-inhoudelijke en technische begeleiding bieden aan professionele kunstenaars en gemotiveerde amateurs, die in collectieve ateliers zich zelfstandig kunnen ontplooien. Daartoe zijn flexibele werkplekken ingericht, die door iedereen gebruikt kunnen worden.
Naast de reguliere werkpraktijk van de deelnemers is in 2007 een succesvolle start gemaakt met masterclasses in de verschillende beeldende disciplines. Dit initiatief, dat een instroom uit het professionele werkveld teweeg heeft gebracht, zal in de toekomst worden voortgezet en uitgebouwd.

DNA (De Nieuwe Academie)
Daarnaast zal de academie het in 2007 gestarte 'postgraduaat' initiatief (zie rubriek 1, DNA) verder uitbouwen en perfectioneren. De VA wil jonge getalenteerde kunstenaars, met of zonder academische kunstopleiding, de mogelijkheid bieden zich op professioneel niveau verder te ontwikkelen. Zij krijgen een individueel atelier en worden begeleid door deskundige kunsttheoretici en kunstenaars, Deze nieuwe begeleiders krijgen de opdracht om steeds gedurende zes weken, naast het individueel begeleiden van de jonge kunstenaars, een kort programma van activiteiten te ontwikkelen, zoals lezingen, presentaties en excursies. Het ligt in de bedoeling om enkele van die activiteiten voor alle deelnemers en ook voor belangstellenden van buiten de academie toegankelijk te laten zijn. De nieuwe categorie deelnemers wordt zo veel mogelijk actief geworven naar aanleiding van bezoeken aan eindexamenpresentaties of via adviezen van docenten van academies waaraan zij zijn afgestudeerd. Een vast, klein team van deskundigen binnen de academie zal zich gaan toeleggen op de ballotage van de kandidaten. Een nevendoelstelling is om via de contacten van de nieuwe begeleiders het landelijke en internationale netwerk van de VA te verbreden en te vergroten. Zo is in het afgelopen kwartaal, constructief contact opgebouwd met vzw WARP in België, een nieuw kunstinitiatief dat internationale tentoonstellingen, lezingen en debatten organiseert. De gastkunstenaar Erich Weiss heeft aan het eind van zijn werkperiode op de VA voor de jonge kunstenaars een tentoonstelling weten te realiseren in een bekende expositieruimte in het Zwitserse Thun. Afgaande op de enthousiaste reacties uit het werkveld, ook die van reguliere kunstacademies, wil de VA middels advertenties in vakbladen en de uitgave van een brochure meer en gericht ruchtbaarheid geven aan dit 'postgraduaat' initiatief. Bij de start van DNA heeft de VA de volgende kunsttheoretici en kunstenaars als begeleiders kunnen contracteren: Stef van Bellingen (B), Erich Weiss (F), Pieter Laurens Mol, JCJ Vanderheyden, Roland Schimmel, Mark Kremer en Philip Peters.

Samenwerking World Wide Visual Factory (voorheen World Wide Video Festival)
In komende jaren zal de samenwerking met World Wide Visual Factory worden gecontinueerd. Met de komst van WWVF is naast artistiek-inhoudelijke en vaktechnische expertise op het gebied van de nieuwe media, ook een internationaal netwerk van toonaangevende videokunstenaars binnen het bereik van de VA gekomen. Daarnaast is een aanzet gegeven tot uitbreiding van vaktechnische voorzieningen met geavanceerde digitale productie- en weergaveapparatuur. Het ligt in de bedoeling om de eerste verdieping van het academiegebouw te bestemmen voor het werken met nieuwe media. De afgelopen twee jaar is daarmee een begin gemaakt met het inrichten van een 360 graden panoramische projectieruimte en met het inrichten van een productie- en post-productiewerkruimte voor digitale opnamen/montage en werkruimte voor installaties en mediaperformances. In deze werkruimte worden ook de masterclasses en workshops gegeven. Tot nu toe is er voor de panoramische projectieruimte één productie gemaakt door de Argentijnse kunstenaar Sebastián Diáz Morales. Een tweede is in voorbereiding en zal in februari 2008 gereed zijn. Voorts werden er masterclasses gegeven door de Braziliaanse kunstenaars Eder Santos en Breno Fortes en door de Belgische kunstenaar Walter Verdin. Inmiddels volgt, naast incidentele inschrijving, een vaste kern van deelnemers de workshops en de masterclasses en maken zij gebruik van de nieuwe productiefaciliteiten. In de toekomst willen de VA en WWVF hun samenwerkingsverband verder structureren en intensiveren. De frequentie van workshops en masterclasses wordt opgevoerd en onderzocht zal worden hoe de expertise van WWVF kan worden ingezet voor andere functies van de VA. Wat het artist-in-residence programma en de masterclasses en workshops betreft is voor de komende tijd medewerking toegezegd door de in Polen woonachtige Zuid-Afrikaanse kunstenaar Rodney Place, de Braziliaanse kunstenaars Danillo Barata en Eustaquio Neves, de Chinese kunstenaar Jamson Law en de eerder genoemde Eder Santos.

Plannen en activiteiten artists-in-residenceships
In de komende beleidsperiode wil de VA haar werkplaatsfunctie blijven inzetten voor artists-in-residence die in het kader van de tentoonstellingen van Gemak worden gecontracteerd. In het laatste kwartaal van 2007 is de in Londen woonachtige, Irakese kunstenaar Rashad Selim als artist-in-residence op de VA werkzaam geweest. Het werk van Selim maakt deel uit van de eerste, aan de oorlog in Irak gewijde tentoonstelling van Gemak, getiteld Green Zone / Red Zone. Rashad Selim heeft workshops gegeven op de VA, heeft deelgenomen aan het eerste debat van Gemak, en werkt tot en met januari 2008, met medewerking van personen uit het Haagse kunstwerkveld, aan een project in de openbare ruimte van Den Haag. Voornoemd voorbeeld geeft aan hoe de VA in de toekomst het artist-in residenceship wil verruimen. Het gaat er daarbij niet alleen om gastkunstenaars voor een bepaalde tijd in het academiegebouw een atelier aan te bieden, maar ook om vanuit hun specifieke betrokkenheid met de stad naar een betekenisvolle uitbreiding van hun werkruimte te zoeken. In dit verband wil de VA ook contacten stimuleren met andere instellingen in Den Haag.

Vernieuwing outillage werkplaatsen
De specifieke vaktechnische werkplaatsen, zoals die voor hout- en metaalbewerking, keramiek en grafiek zijn redelijk goed geoutilleerd. Toch, veel apparatuur is verouderd en beperkt in de toepassing. De VA wil in de komende jaren investeren in de vernieuwing van technische apparatuur. De afdeling nieuwe media heeft een aanzienlijke investering nodig om zich verder te kunnen ontwikkelen. In personele zin is de aanstelling gewenst van drie vaste werkplaatsassistenten: voor metaal- en houtbewerking, voor grafiek en voor nieuwe media. Deze werkplaatsassistenten zijn verantwoordelijk voor het beheer en het gebruik van de werkplaatsen en geven, op grond van hun vakmanschap en artistieke kennis, de deelnemers instructies bij de vervaardiging van hun kunstwerken.

Plannen en activiteiten algemeen vormende functie

Cursussen en workshops
De VA wil de algemeen vormende functie in haar praktijk nieuwe impulsen geven. In de eerste plaats in haar reguliere aanbod van cursussen en workshops, maar ook incidenteel naar aanleiding van actuele gebeurtenissen in de kunst en samenleving. Er zal in de theoretische cursussen, zoals kunstgeschiedenis, kunstbeschouwing en filosofie, veel aandacht worden geschonken aan de maatschappelijke contextualisering van kunst. Ook zal meer aandacht worden besteed aan de kunstgeschiedenis van andere culturen. In 2007 is een start gemaakt met het geven van cursussen Islamitische kunstgeschiedenis door Charlotte Huygens, conservator Islamitisch Cultuurgebied en projectleider tentoonstellingen aan het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden. Wat de cursussen kunstgeschiedenis en kunstbeschouwing betreft zal er zoveel mogelijk worden gestreefd naar het combineren van de respectievelijke colleges met tentoonstellings- en atelierbezoeken. In de afgelopen twee jaar is deze werkwijze met succes toegepast door de kunsthistorica Alied Ottevanger in haar workshops 'Podia en Kanalen'.

Studium Generale
De activiteiten van het Studium Generale hebben tot doel om deelnemers en andere belangstellenden van buiten de academie door middel van lezingen, presentaties en filmvertoningen kennis en inzicht te verschaffen omtrent interdisciplinaire verbindingen tussen kunst, cultuur, wetenschap en samenleving. In 2005 is begonnen met het aanbieden van compacte, vierwekelijkse programma's waarin beeldende kunst werd gekoppeld aan o.a. natuurwetenschap, filosofie, onderwijs en genetica. Deze aanpak bleek, gezien de hoge bezoekersaantallen, succesvol. Het voornemen is om deze formule te handhaven en indien van toepassing de thema's van de bijeenkomsten af te laten stemmen op gelijktijdige culturele activiteiten in stad en land.

Debatfunctie
In de afgelopen drie jaar zijn er in de Vrije Academie veel debatten gevoerd. Naast haar eigen programmering biedt de VA, indien passend bij haar doelstelling, ook andere stedelijke instellingen een podium om debatten te organiseren. Met de komst van Gemak als expositie- en debatcentrum is het aantal debatten op de VA toegenomen. In de toekomst zal in samenwerking met het Haags Gemeentemuseum een intensief debatprogramma worden ontwikkeld, waarin verbindingen tussen kunst, politiek en samenleving centraal staan. Een groot deel van deze debatten zal afgestemd worden op de tentoonstellingsprogrammering van Gemak. In het laatste kwartaal van 2007 is, onder de overkoepelende titel The Making of a Terrorist, een start gemaakt met een reeks debatten over de oorlog in Irak, en werd het debat De kunstenaar als verslaggever van Global War georganiseerd over de invloed van artistieke en journalistieke getuigenissen in conflictgebieden.

Een nieuw wervings- en toelatingsbeleid

Overeenkomstig het nieuwe werkplaatsbeleid van de VA zal er een intensievere wervingsstrategie worden gevoerd. Naast de reguliere brochure zullen er ook deelbrochures worden verspreid, met name voor DNA en het samenwerkingsverband met World Wide Visual Factory. Via advertenties en redactionele artikelen in vakbladen wil de VA meer en doeltreffender ruchtbaarheid geven aan haar vernieuwende beleid. Het vernieuwde profiel van de VA als kunstinstelling die zich betrokken voelt met de samenleving vereist een aangescherpt profiel van potentiële deelnemers. Natuurlijk worden kandidaten niet beoordeeld op hun politiek engagement, maar wel op hun beeldende talent, mentaliteit en kritisch vermogen. Wat de werving van jonge kunstenaars voor DNA betreft zal zoveel mogelijk actief worden gescout en geworven. Er zal een vast team van deskundigen binnen de VA worden geformeerd dat zich zal bezighouden met de in take gesprekken en ballotages.

Samenwerkingsverband met het Haags Gemeentemuseum: Gemak

In het najaar 2007 is in de VA het prachtig verbouwde expositie- en debatcentrum voor kunst, maatschappij en politiek Gemak geopend, een samenwerkingsverband tussen de VA en het Gemeentemuseum Den Haag. (Gemeentemuseum + Akademie) In Gemak wordt kunst getoond die zich afspeelt in of geïnspireerd is door de maatschappelijke context waarin de kunstenaar zich bevindt. De tentoonstellingen worden begeleid door lezingen, debatten en filmvertoningen. Naar voorbeeld van hoofdstedelijke debatcentra als De Balie en Felix Meritis wil Gemak een grote lacune opvullen in Den Haag, regeringszetel en stad van vrede en recht. De VA heeft in de afgelopen jaren een behoorlijke expertise opgebouwd in onderhavig thema, en wil die de komende tijd inzetten voor het welslagen van het nieuwe centrum. Onder het overkoepelende thema 'De Grens' is voor het komend anderhalf jaar een tentoonstellingsreeks geprogrammeerd gewijd aan kunst in relatie tot conflictgebieden. In de nieuwe cultuurperiode wil de VA de samenwerking met het Gemeentemuseum verder uitbouwen. Het Gemeentemuseum heeft speciaal voor Gemak een nieuwe curator aangesteld. De VA heeft vanuit haar eigen organisatie ook een curator aangesteld die inhoudelijk en organisatorisch medeverantwoordelijk is voor de programmering van tentoonstellingen en debatten. Met de komst van Gemak is het publieksbereik van de VA aanzienlijk vergroot. Een groot voordeel is dat er voor wat betreft de activiteiten van Gemak een beroep kan worden gedaan op de publiciteitsafdeling van het Gemeentemuseum. Daarnaast zal de VA via persberichten, advertenties en een gerichte mailing haar eigen public relations blijven behartigen.

Nieuwe samenwerkingen in het stedelijk netwerk

De VA streeft ernaar om meer contacten te leggen in het stedelijk netwerk. Met een aantal kunstinstellingen worden inmiddels goede relaties onderhouden. Met de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten wil de VA haar contacten verstevigen, onder meer met het oog op de werving van talentvolle kandidaten voor DNA. Tot nu toe hebben studenten van de KABK, in overleg met afdelingshoofden, deelgenomen aan workshops van de VA en werd naar aanleiding van de tentoonstelling Green Zone / Red Zone in Gemak, een lesopdracht aan eerstejaarsstudenten verstrekt. Ook de lopende contacten met stedelijke kunstinitiatieven als Shoot me Festival en Hoogtij wil de VA continueren. Het samenwerkingsverband met Toneelgroep De Appel, in 2007 gestart, biedt artistiek-inhoudelijk en publicitair interessante aanknopingspunten voor verdere samenwerking. In de komende jaren wil de VA ook relaties opbouwen met sociaal-maatschappelijke-, politieke- en onderwijsinstellingen. Inmiddels zijn contacten gelegd met o.a. het Institute of Social Studies, het Nederlands Instituut voor Internationale Betrekkingen Clingendael, de Haagse Hogeschool en de Weekendschool. Met het Institute of Social Studies is voor 2008 een samenwerkingsproject voorzien.


BIJLAGE 1
PROGRAMMA GEMAK 2009-2012

Gemak
Centrum voor niet westerse kunst en politiek

Programma 2009 - 2012

In het tijdvak 2009 - 2012 zal Gemak haar ontdekkingsreis voortzetten langs de vele raakvlakken tussen kunst en politiek. Daarbij nodigt Gemak kunstenaars en gastsprekers uit van niet westerse gebieden en zoekt verschillende manieren van uitwisseling met de stad Den Haag en haar bevolking.

Elk jaar staat een thema voorop. Deze wordt in drie grote tentoonstellingen ontleed. De thema's zijn:

(2007 - 2008) Borders
1. Green Zone / Red Zone 2. The Wall 3. Terminal
Iraq Israel & the Arabs Fortress Europe & Africa

2009 The Consumer Society
1. Guns & Security 2. Cars & Oil 3. Food & Obesity
Russia/E Europe and market China/SE Asia and market Japan/Oceania and market

2010 Revolution
1. In the mountains 2. In the deserts 3. In the cities
Latin America Secular jihad, Middle East Underdogs in Europe & USA

2011 Love
1. The invincible 2. The subversive 3. The eternal
Iran & Central Asia Korea & East Asia India & South Asia

2012 The Joke
1. Parody 2. Irony 3. Absurdity
Black Africa Middle East East Asia

Elke tentoonstelling gaat gepaard met de volgend programmaonderdelen:

1. Opening- en Slotfeest
2. Twee workshops voor kunstenaars of kunststudenten: een door een van de deelnemende kunstenaars, de andere door de gastkunstenaar.
3. Een debat reeks bestaande uit drie debatten, met iedere keer een gastspreker uit het besproken gebied.
4. Een openbare kunst project door een gastkunstenaar, die soms gepaard gaat met een onderzoek naar hoe het thema van de tentoonstelling in Den Haag speelt. Als er een onderzoek plaats vindt leidt dit weer tot een workshop voor professionelen, een multimedia presentatie en een bijeenkomst voor een breed Haags publiek, om de resultaten van het onderzoek in verschillende verbanden te analyseren, aan te vullen en te verspreiden. Het openbare kunst project, dat standaard met elke tentoonstelling gepaard gaat, leidt tot een openbare onthulling van het kunstvoorwerp.
5. Een catalogus met beeldmateriaal en teksten van debatten, lezingen e.d.; gedrukt en op de website van Gemak (eventueel een per thema/jaar).

Per jaar vinden er vier tentoonstellingen plaats. Naast de genoemde vindt er elk jaar één plaats waarin een land of thema dat erg in de actualiteit is aan bod komt. In 2008 is dat bijvoorbeeld 'Future: Afghanistan'. We kunnen uiteraard niet voorspellen wat de toekomstige zijn!

Hiernaast kunnen andere publieke bijeenkomsten georganiseerd worden: lezingen, seminars, ronde tafels, diners, feesten. Gemak houdt ook ruimte vrij voor spontane gebeurtenissen.

Gemak heeft een lounge annex leeszaal waar bezoekers elkaar kunnen ontmoeten, uitrusten en naslagwerken raadplegen. De bedoeling is dat Gemak de ontmoetingsplek wordt voor iedereen die geïnteresseerd is in internationale kunst en politiek. Expats moeten zich hier even thuis voelen als jonge activisten en Hagenezen die nieuwe perspectieven op veel besproken thema's zoeken.

Door de werkplaatsen, cursussen en overige programma's van de Vrije Academie / Werkplaats voor Beeldende Kunsten heeft Gemak een dynamische, zelfs pragmatische karakter, waar ideeën letterlijk vormgegeven worden, en waar confrontatie met de kunst en de werkelijkheid zoals die door anderen wordt gezien de directe aanleiding voor onze debatten is.

De debatten waarvoor we gastsprekers uitnodigen uit het buitenland zullen in het Engels zijn, maar meeste andere activiteiten zullen in het Nederlands plaatsvinden, om een zo breed mogelijk publiek aan te spreken. De publicaties en de website zullen volledig tweetalig zijn.

Publiciteit voor Gemak wordt grotendeels door het Gemeentemuseum verzorgd. Daarbij moeten we denken aan duizenden papieren uitnodigingen, elektronische nieuwsbrieven, persverklaringen, folders, postercampagnes voor elke tentoonstelling, en een volledige website die vaak updated wordt. Maar ook de Vrije Academie kan veel Haagse aandacht ronselen voor Gemak, terwijl kunstenaars en medewerkers hun persoonlijke netwerken inzetten via sms-acties en e-mail lijsten.

De openbare kunstprojecten brengen via de Vrije Academie een buitenlandse gastkunstenaar samen met Haagse kunstenaars. Het resultaat zal niet alleen een kunstwerk in de stad zijn dat met veel aandacht wordt onthuld, maar kan ook tot een ingreep leiden in de tentoonstelling die dan loopt. Daardoor hopen we niet alleen bij te dragen aan het internationale karakter van Den Haag, maar ook individuele Haagse kunstenaars te koppelen aan hedendaagse trends in de kunstwereld en de personen/organisaties die dit vertegenwoordigen.

Via media-aandacht en onze website, www.gemak.org, hopen we uiteraard veel meer mensen te bereiken.


BIJLAGE 2
ONDERZOEKSRAPPORT REVITALISERING VRIJE ACADEMIE

In opdracht van Fonds 1818

NIEUWE KADERS, NIEUW PUBLIEK
DE ONTWIKKELING VAN DE VRIJE ACADEMIE WBK 2004-2007 EN DE MOGELIJKHEDEN VOOR DE TOEKOMST

Vinken en Van Kampen
Post CS gebouw 6e verdieping #61
Oosterdokskade 5
1011 AD Amsterdam
t 020 4200841
info@vinkenenvankampen.nl
www.vinkenenvankampen.nl

Inleiding

De afgelopen drie jaar is door de Vrije Academie Werkplaats voor Beeldende Kunsten gewerkt aan een traject van revitalisering, dat mede ondersteund werd door Fonds 1818. Fonds 1818 heeft ons gevraagd te onderzoeken wat er in het kader van dat traject is gebeurd en waar de Vrije Academie op dit moment staat. De ondersteuning van Fonds 1818 aan de Vrije Academie is bedoeld als een tijdelijke impuls en zal binnenkort beëindigd worden. Zowel Fonds 1818 als de Vrije Academie vinden het belangrijk dat er voor de tijd daarna zicht is op continuering van het traject, bij voorkeur in de vorm van een positief advies van de gemeente voor de beleidsperiode 2009-2012.

Wij hebben bekeken wat destijds de reden was dat er gerevitaliseerd moest worden, hoe de revitalisering is aangepakt en wat er bereikt is. In onze rapportage schetsen we de 'Vrije-Academie-in-ontwikkeling' waarin aandacht is voor het verleden, maar met name voor het heden en voor het beeld dat er is van de toekomst en dat men bezig is in te vullen. Het evaluatieonderzoek dat aan de rapportage ten grondslag ligt is gedaan op basis van deskresearch, bestudering van door de Vrije Academie beschikbaar gestelde stukken en gesprekken met een aantal betrokkenen en 'omstanders'.

In een tijd waarin kunst en samenleving weer stevig met elkaar verbonden zijn stelt de Vrije Academie zich het doel om voor het Haagse en ook landelijke veld een plek te bieden waar kunsttalent zich kan ontwikkelen en waar vanuit de kunst naar de maatschappij, de wereld gekeken kan worden. Om die ambities om te zetten in harde realiteit, om de volgende stap naar die 'nieuwe Vrije Academie' te zetten zal het succes van de revitalisering gemunt moeten worden. Daarvoor is de Vrije Academie nu bezig het werk te verrichten, zowel binnenshuis als bij het winnen van het commitment van partijen die de VA ondersteunen en haar belangen delen.

Jaap Vinken en Martine van Kampen

De aanvang: waarom revitaliseren?

De oude situatie in de Vrije Academie doet denken aan de typering die socioloog Menno Hurenkamp in een uitzending van het radioprogramma 'De Avonden' geeft van twee Amsterdamse culturele broedplaatsen (naar aanleiding van een debat in De Veemvloer in Amsterdam, juni 2007). Hij constateert een vreemde contradictie binnen die broedplaatsen, namelijk dat er anders dan de naam doet vermoeden weinig jonge kuikens te vinden zijn, maar veel volwassen vogels die al heel lang op hun nesten zitten. De plekken zijn ontstaan vanuit een geest van vrijheid, onafhankelijkheid en eigenzinnigheid, maar als je kijkt naar de samenstelling van de groep gebruikers dan is die erg weinig divers. Bovendien is er nauwelijks doorstroom. Ondanks het anti-institutionele karakter en de vrijheid heersen er wel degelijk kaders, alleen worden die niet benoemd en wordt er zelfs veel aan gedaan om die niet expliciet te maken.

De Vrije Academie heeft in de periode voorafgaand aan de revitalisering ook te maken met 'oude kaders' die niet als zodanig zichtbaar zijn, maar die wel in de weg zitten van vernieuwing. De werkplaatsen zijn min of meer bewoond door een aantal kunstenaars die er al lang gebruik van maken en er gestaag doorwerken aan hun eigen werk. Zij bepalen de sfeer, er is niet veel output en weinig uitwisseling met de buitenwereld, er komen niet veel jonge mensen bij. De mensen die wij gesproken hebben karakteriseren de Vrije Academie in die tijd bijvoorbeeld als 'ingedut' en 'ingesuft' - ook als 'hangplek voor oudere kunstenaars'. Deze stand van zaken zien we in andere bewoordingen ook terug in het negatieve advies van de commissie Zonderop.

De vernieuwingsimpuls die de Vrije Academie inzet moet dan onder meer de gemiddelde leeftijd van de deelnemers naar beneden brengen, een ander publiek naar binnen halen en meer diversiteit onder de deelnemers veroorzaken ('niet meer zo wit'). Wat de Vrije Academie wil worden is een instelling waar vanuit de kunst debat wordt gevoerd. Waar de kunst het debat voedt en het debat de kunst. Den Haag is met haar internationale/politieke instellingen (internationaal gerechtshof, regering) een plek bij uitstek om debat over maatschappelijke onderwerpen te voeren, er is echter in Den Haag nog niet een plek waar dat gebeurt. Voorbeelden die de Vrije Academie hiervoor aanhaalt zijn instellingen als De Balie en Felix Meritis in Amsterdam.

De keuze voor 'debat' als een manier voor een kunstinstelling om verse banden met de maatschappij aan te gaan sluit aan bij ontwikkelingen in de beeldende kunst van de afgelopen tien jaar. Veel kunstenaars en instellingen hebben de stelling verlaten dat kunst autonoom zou zijn en zich buiten of naast de samenleving bevindt, en zoeken contact en discussie met andere groepen. Dit uit zich in een hausse van kunstwerken en tentoonstellingen over maatschappelijke onderwerpen - ook in het verkennen van nieuwe werkterreinen, zoals de openbare ruimte en het internationale veld.

Of de zittende werkplaatsmensen en cursisten van de Vrije Academie zelf ook dat contact en de discussie met de samenleving willen staat te bezien. De debatfunctie die de Vrije Academie ambieert is dan ook meer gericht op het binnenhalen van nieuw publiek dan op het bedienen van de bestaande gebruikersgroep. De Vrije Academie wil aansluiting bij studenten van kunstacademies en bij het professionele kunstpubliek, en middels hen bij een veel breder publiek dat interesse heeft voor kunst en voor maatschappelijke vraagstukken. Een broodnodige verbouwing van het pand aan de Paviljoensgracht wordt ingezet om de revitalisering kracht bij te zetten.

De aanpak van de revitalisering

Met het negatieve advies van de commissie Zonderop in 2004 komt een flinke korting op de bijdrage van de gemeente. Dat betekent dat de Vrije Academie alleen nog haar werkplaatsfunctie kan financieren, voor activiteiten is geen budget meer. De vernieuwing die de Vrije Academie voor ogen heeft, heeft echter juist betrekking op het ontwikkelen van activiteiten: een programma van tentoonstellingen en studium generale. Op die manier kunnen de banden met de buitenwereld weer worden aangehaald en kan nieuw publiek en nieuwe deelnemers binnen worden gehaald.

De vernieuwing wordt dan in feite op projectbasis ingezet en gefinancierd: revitalisering en programma worden als projecten benoemd en hiervoor wordt bij een aantal fondsen ondersteuning verkregen. Wat onder 'de revitalisering' valt betreft de volgende onderdelen:

- Studium Generale 2004
- Studium Generale Tracks of inner engagement / Focus op China 2005
- Studium Generale Stofwolken / PAIK 2006
- Studium Generale PAIK / DNA / Gemak 2007
- reorganisatie personeel
- reorganisatie deelnemers
- verbouwing

Met het programma worden 'mensen van buiten' binnen de Vrije Academie gehaald. Enerzijds zijn dat bijvoorbeeld mensen van andere disciplines dan de kunst (wetenschappers, schrijvers) die in het kader van een onderwerp over hun vak kwamen vertellen, maar het gaat ook om mensen van instellingen waarmee de Vrije Academie in het kader van de projecten verbanden aangaat zoals het Van Kinderenmuseum, Hogeschool InHolland en de Zuidwalschool uit de buurt. Anderzijds zijn het mensen die met beeldende kunst bezig zijn, maar die eerder geen contact hadden met de Vrije Academie, zoals een aantal landelijk en internationaal bekende kunstenaars en kunstenaars die letterlijk van ver komen: uit China, Afrika, Brazilië en het Midden-Oosten. Met al die mensen van buiten wordt ook publiek van buiten in de Vrije Academie gehaald: publiek dat hoort bij die andere disciplines en andere instellingen (publiek dat zo kan kennismaken met kunst) en publiek dat hoort bij dat bredere professionele veld (publiek dat zo kan kennismaken met de Vrije Academie).

Voor de gebruikers van de Vrije Academie worden de toelatingscriteria aangescherpt, zodat geleidelijk aan het niveau verschuift in de richting van meer professionele deelnemers. De Vrije Academie wil open zijn voor alle kunstbeoefenaars, ook zij die niet een opleiding hebben gevolgd. Maar inhoudelijk gezien wil ze zich wel richten op de professionele kunstpraktijk - er van uitgaande dat die ook relevant en interessant is voor semi- en aspirant professionele kunstenaars. Om de Vrije Academie voor alle inkomensgroepen toegankelijk te maken wordt de mogelijkheid gemaakt om gebruikt te maken van de Haagse Ooievaarspas. De nadruk voor de Vrije Academie bij de toelating ligt op talent en motivatie. Aansluitend op de aangescherpte toelatingscriteria wordt er ook actief werk gemaakt van het binnenhalen van de beoogde deelnemersdoelgroep. Op eindexamententoonstellingen van kunstacademies in het hele land worden interessante kandidaten benaderd, docenten worden gevraagd om kandidaten voor te stellen. Zij worden uitgenodigd voor een tijdelijk deelnemerschap onder DNA.

De personele bezetting van de Vrije Academie is dan door eerdere bezuinigingen eigenlijk al niet meer toegesneden op wat er nodig is om de boel draaiend te houden, laat staan om de nieuwe ambities in mankracht mogelijk te maken. In 'de basis' ontbreekt bijvoorbeeld een conciërge en een secretariële kracht, maar ook tussen de directie en de docenten ontbreekt een schakelfunctie van iemand die zich met programma en beleid kan bezighouden. Deze beide leemtes worden vanuit de projectopzetten en projectbegrotingen opgevuld, maar krijgen (nog) geen structurele invulling. In een strategisch plan worden de gewenste personele structuur en bezetting uiteengezet, en de reorganisatie die daarvoor nodig is.

De verbouwing van het pand wordt tenslotte aangegrepen om beweging te brengen in het deelnemerbestand. De vaste groep deelnemers die er al lange tijd zit heeft min of meer hun persoonlijke atelier afgebakend, terwijl het de bedoeling is dat werkplekken flexibel door iedereen gebruikt kunnen worden. Door de grote schoonmaak die nu eenmaal met een verbouwing gepaard gaat, maar ook een nieuwe indeling van de ruimtes en de introductie van flexibele werkstations zodat materiaal en gereedschap niet langer aan een plek gebonden zijn, worden de territoria opengebroken. De individuele atelierruimtes die er nu zijn worden uitsluitend bestemd voor tijdelijk gebruik (de artists in residence en mensen die alleen een project komen doen), alle andere werkplekken zijn flexibel en kunnen dus steeds door andere deelnemers worden gebruikt.

De gevolgen

Het belangrijkste en meest in het oog springende gevolg van de revitalisering is dat er reuring wordt veroorzaakt. Op de mensen die wij spraken maakt het nieuwe programma een positieve indruk. Het maakt de buitenwereld duidelijk dat de Vrije Academie bezig is om zichzelf te veranderen en geeft aan dat het ambitieniveau hoog is. Ook komt er meer publiek op de activiteiten af dan voorheen en de nieuwe inzet krijgt bekendheid. Met name de lezingen van een aantal landelijk en internationaal bekende kunstenaars (met die van Luc Tuymans waarvoor de rijen tot buiten stonden als spraakmakend hoogtepunt) en de aandacht voor een actueel onderwerp als China zorgen voor veel belangstelling. Er wordt daardoor (weer) belangstellend naar de Vrije Academie gekeken als een plek waar iets gebeurt. Er komt ook nieuw publiek op de activiteiten af, in de zin van een publiek dat van buiten de kunst komt en van een professioneel kunstpubliek (kunstenaars, studenten, mensen werkzaam in de kunst) dat de Vrije Academie in de loop der tijd een beetje is kwijtgeraakt.

Daarnaast wordt het deelnemersbestand van de Vrije Academie gestaag verjongd en krijgt het een meer diverse samenstelling, onder meer door de kunstenaars die in het kader van artistiek asiel worden binnengehaald en de mensen die gericht worden benaderd. Het teweeg brengen van veranderingen in het deelnemersbestand wordt door de Vrije Academie behoedzaam ingezet als een proces; het idee is dat als de werksfeer en de verbinding met de buitenwereld veranderen er nieuwe mensen zullen binnenkomen, mensen die daar weinig mee hebben zullen er voor kiezen om weg te gaan.

De verbouwing frist het pand van de Vrije Academie enorm op en zorgt voor een open en uitnodigende uitstraling naar buiten toe. Vanaf de straat is nu duidelijker te zien wat er binnen gebeurt en van binnen is de aanwezigheid van de straat omgekeerd ook beter voelbaar. Dit onderstreept de sterkere banden met de samenleving en de buitenwereld die de Vrije Academie met haar vernieuwing nastreeft. Voor wat betreft de reorganisatie onder het personeel zijn de wijzigingen van het strategische plan gedeeltelijk doorgevoerd. Volledige doorvoer is afhankelijk van de financiën die nodig zijn om in de toekomst de structurele personele bezetting op te waarderen.
Vooralsnog heeft de revitalisering ook tot gevolg dat er van elkaar verschillende groepen mensen op de Vrije Academie rondlopen, die zich niet vanzelfsprekend vermengen. Het programma, met name het wat meer 'maatschappelijk geëngageerde' deel daarvan, wordt niet of nauwelijks bezocht door de groep oude deelnemers, die het gevoel heeft dat het niet voor hen bedoeld is. De komst van het nieuwe publiek naar de Vrije Academie heeft daardoor soms iets weg van een invasie, ook al is die geenszins vijandig. Tussen beide groepen is niet veel aansluiting, en dat wordt door beide kanten gevoeld. Voor een voortzetting van het succes van de revitalisering is het belangrijk om die aansluiting toch te veroorzaken, of om een situatie te creëren waarin de verschillen geen ongemakkelijk gevoel opleveren. Het net opgestarte traject van vierwekelijks inhoudelijk overleg met deelnemers en begeleiders zal daaraan bijdragen. Over Gemak zijn de deelnemers overigens enthousiast, men meldt zich bijvoorbeeld aan om te suppoosten en weekend- en bardiensten te draaien.

Verder

Dit bestaan van 'nog niet vermengde' groepen is een logisch gevolg van het traject dat is ingezet, dat tenslotte ten doel heeft nieuwe groepen binnen te halen. Het is een van de tekenen dat de Vrije Academie zich op dit moment in een overgangsfase bevindt. Na de positieve uitlatingen van de mensen die wij hebben gesproken volgde vaak ook de opmerking dat het voor een blijvend succes aan zal komen op het gevolg dat er aan het goede begin gegeven wordt.

Kritische geluiden waren er in die zin ook - wat iemand omschreef als een 'erg gevarieerd aanbod' werd door een ander als 'te los' en 'ongeconcentreerd' gekarakteriseerd. Elk van de onderdelen van het programma heeft een eigen titel, een eigen motivering en een eigen opzet. Dat heeft er mee te maken dat de projecten binnen de Vrije Academie voortkomen uit initiatieven uit verschillende hoeken of samenwerkingsverbanden met verschillende partijen die elk weer hun eigen focus hebben. Ze zijn inhoudelijk verwant (allemaal te vatten onder de doelstellingen van de Vrije Academie) en sluiten ook wel op elkaar aan, maar er lijkt soms ook overlap te zijn. Zo liggen de invalshoeken van PAIK en van GEMAK niet ver uiteen, beide zoeken het toneel van de internationale actualiteit en onderzoeken de rol die kunst of 'het beeld' ten aanzien van grote issues kan spelen - specifiek kiest PAIK nu voor het thema geweld (onder meer in de zin van terreur en ideologische strijd) en Gemak zal ingaan op grenzen (onder meer die tussen de groene en rode zones in Bagdad). Waar de nuanceverschillen voor Vrije Academie-kenners duidelijk kunnen zijn omdat men de achtergrond kent (PAIK komt voort uit een initiatief van Paul Donker Duyvis, Tom Dommisse en Ingrid Rollema, GEMAK is resultaat van een samenwerking met het Gemeentemuseum), is het voor relatieve buitenstaanders niet helemaal helder waarom het hier om twee verschillende projecten met twee verschillende namen moet gaan. En hoe die zich dan weer verhouden tot bijvoorbeeld De Nieuwe Academie (een initiatief van Felix Villanueva). In oktober is een begin gemaakt met een fusie tussen Gemak en PAIK, de curator van Gemak neemt nu zitting in PAIK en in 2008 zullen ze in elkaar opgaan.

Op de Vrije Academie wapperen momenteel veel vlaggen: PAIK, Stofwolken/Artists-in-residence, DNA, Beeldend Platform/Studio 1, WWVF, Gemak. Om de overgangsfase af te ronden is het van belang alle onderdelen onder één vlag samen te brengen, die van de nieuwe Vrije Academie. Daarbij hoort een inhoudelijke afstemming en een formulering waarin de onderdelen in relatie worden gebracht tot elkaar en tot hun functie ten opzichte van de doelstelling van de nieuwe Vrije Academie.

De positie van de Vrije Academie organisatorisch en financieel

De Vrije Academie werkt momenteel met een kleine vaste staf van 4 fte met de volgende functies: directeur, secretarieel medewerker, baliemedewerker, conciërge, schoonmaker, begeleider weekend en nachtportier. Daarnaast zijn er circa 60 mensen op freelance basis als docent aan de Vrije Academie verbonden. Het bestuur kent momenteel 6 leden.

Vanuit de revitalisering zijn met name de secretariële ondersteuning en de inhoudelijke expertise voor de projecten mogelijk gemaakt, zoals gezegd op projectbasis. Voor wat betreft organisatie en communicatie wordt de directeur op dit moment bijgestaan door een adviseur (Josee Meeuwenoord). De Vrije Academie wil toe naar een aanvulling van de staf met de volgende functies: een zakelijk directeur, drie werkplaatsassistenten (ruimtelijk, digitaal en grafiek), twee administratieve krachten. Daarbij wil de Vrije Academie een 'adviesgroep' in het leven roepen om haar plannen en activiteiten inhoudelijk te toetsen en haar netwerk te ondersteunen.

Financieel is een uitbreiding van de staf momenteel niet mogelijk. In het beleidsplan voor de periode 2009-2012 zal er op de begroting ruimte voor worden gemaakt.

Breder: de positie van de Vrije Academie in Den Haag en landelijk

De Vrije Academie is niet alleen een instelling in een overgangsfase, maar ook nog eens een instelling die op een aantal snijvlakken opereert. Van oudsher wil de Vrije Academie een positie vervullen tussen het kunstonderwijs en het werkveld - opgezet vanuit de gedachte om een alternatief te bieden voor het reguliere kunstonderwijs. Inmiddels is wat de Vrije Academie doet voor wat de opzet betreft vergelijkbaar met werkplaatsinstellingen als De Ateliers of de Rijksacademie, hoewel zij landelijk en internationaal opereren en geen workshops verzorgen. Dit zijn instellingen die zich ook tussen kunstonderwijs en werkveld bevinden en die (vanwege vroegere ontwikkelingen omtrent bekostiging en beleid van ministeries) volledig vanuit cultuurgeld bekostigd worden. Ook had de Vrije Academie - als alternatief voor het reguliere kunstonderwijs - een positie tussen het professionele en het niet-professionele kunstcircuit. Ze verzorgt cursussen en workshops die ook door amateurs bezocht werden en nog worden. Met de debatfunctie die de Vrije Academie nu heeft gaat zij ook een positie innemen tussen de functie van kunstinstelling en die van maatschappelijk forum - iets waarin ze zich overigens onderscheidt van De Balie en Felix Meritis, die niet 'vanuit de kunst vertrekken'.

Binnen Den Haag neemt de Vrije Academie - met haar functies werkplaatsen, cursussen/workshops, tentoonstellingen en studium generale - een positie in tussen meerdere instellingen, daarbij is er niet een instelling die de Vrije Academie volledig overlapt. Het gaat om (met tussen haakjes de functie die men deelt met de Vrije Academie):

- de Grafische Werkplaats (werkplaatsen, cursussen/workshops)
- de KABK, professionele kunstopleiding (studium generale)
- het Koorenhuis, cursussen voor amateurs (cursussen/workshops)
- Stroom (tentoonstellingen, studium generale)
- Pulchri en Kunstkring (tentoonstellingen, studium generale)
- kunstenaarsinitiatieven en broedplaatsen, bv Quartair (tentoonstellingen, werkplaatsen)
- de voormalige Artotheek, nu Heden (tentoonstellingen)

Door de gedeelde functies is er op sommige vlakken sprake van 'milde maar gezonde concurrentie', op andere vlakken (daar waar men elkaar kan aanvullen en diensten kan uitruilen) wordt er met instellingen samengewerkt. Met de nieuwe weg die de Vrije Academie inslaat verandert ook de relatie met sommige instellingen. Met Het Koorenhuis zal bijvoorbeeld geen gedeelde functie meer zijn aangezien de Vrije Academie zich nu richt op de professionele en de professionaliteit ambiërende kunstenaars. Met de KABK liggen er juist mogelijkheden en kansen voor meer samenwerking en uitwisseling. Stroom is de enige van de Haagse kunstinstellingen die bij gelegenheid de activiteiten van de Vrije Academie financieel ondersteunt en stelt zich ten aanzien van de revitalisering op als een partij die de ontwikkelingen kritisch volgt.

Van het soort instelling dat de Vrije Academie beoogt te zijn - werkplaats van kunst en debat - is er in Den Haag en eigenlijk in Nederland geen ander. Voor het in 1996 verdwenen HCAK is eigenlijk niets in de plaats gekomen. Vanuit de politiek (PvdA) zijn eerder pogingen gedaan om een Haags debatcentrum op te zetten, deze hebben vooralsnog nog geen resultaat gehad. Op deze laatste heeft de Vrije Academie voor dat zij veel meer een onafhankelijke positie inneemt en haar initiatieven niet bij voorbaat een politieke kleur hoeven te hebben. In potentie kan de Vrije Academie een 'gat in de markt' vervullen, ook landelijk. Op het moment vervult de Vrije Academie landelijk geen echte rol en is zij met name een Haagse kunstinstelling - waar ze vooreerst een nog betere 'naam' en positie zou moeten gaan vestigen.


Aandachtspunten voor nieuw beleid

De Vrije Academie heeft met de revitalisering op een aantal fronten sprongen gemaakt: er is belangstelling gewekt, er is programma dat aan de nieuwe identiteit invulling geeft, de samenstelling van de deelnemergroep verandert, het gebouw is opgefrist en er is meer en nieuw publiek binnengekomen. Aan welke punten zou de Vrije Academie voor de aanstaande beleidsperiode (2009-2012) aandacht kunnen schenken?

1. De combinatie van 'kunst en debat' is voor wat betreft de huidige opvattingen in de beeldende kunst een logisch samengaan, maar het is belangrijk om er niet van uit te gaan dat die combinatie vanzelfsprekend en permanent is. Kunst onderhoudt met de samenleving een verhouding van afwisselend aantrekken en afstoten, de ontwikkeling die tien jaar geleden begon kan met een aantal jaar weer veranderen. Hoe kan de VA hier op inspringen? Is de relatie die kunst - werkplaats - en debat hebben op de Vrije Academie in dit opzicht specifiek genoeg?

2. Het samenbrengen van de losse onderdelen onder één noemer kwam al eerder ter sprake, de projecten en activiteiten hebben allemaal een eigen identiteit en soms is er sprake van overlap. Daarbij hoort ook het helder naar buiten toe communiceren over die ene noemer en de plek die alle onderdelen daar binnen hebben. Zijn de communicatie-instrumenten toegesneden op de huidige doelstellingen?

3. Ruimtes tussen de grote sprongen kunnen ingevuld gaan worden. Het vertalen van de revitalisering op projectbasis naar een structurele vernieuwing betekent vorm geven aan 'kleine kwaliteit'. Taken die nodig zijn om zo'n organisatie te laten lopen (van constante inhoudelijke en zakelijke input tot verfijning van administratie en faciliteren van communicatie en pr) kunnen in de vaste bezetting een plek krijgen. De (landelijke) ambities en het netwerk van de Vrije Academie kunnen tot uitdrukking worden gebracht in stichtingsbestuur en adviesraad.

4. Den Haag heeft belang bij de Vrije Academie. Het debatcentrum dat de Vrije Academie wil zijn is er nog niet in Den Haag en er is (getuige eerdere pogingen) behoefte aan. Actuele ontwikkelingen laten zien dat Den Haag - net als elders - de creatieve economie wil bevorderen, een stad wil zijn die aantrekkelijk is voor creatieve mensen. Speciale aandacht voor vormgeving als creatieve sector hoort daarbij, en ook de wens om de afgestudeerde studenten van de KABK een klimaat te bieden waarin ze willen en kunnen blijven. Kan de Vrije Academie hier een grotere rol in spelen?

Gesprekspartners
Maurits van der Laar (Galerie Maurits van der Laar )
Arno van Roosmalen (Stroom Den Haag)
Abe van der Werf (KABK / voormalig bestuurslid Vrije Academie)
Paul Broekhoff (Gemeente, OCW, directeur Kunsten)
Felix Villanueva (Vrije Academie)
Thomas Ankum (kunstenaar / begeleider Vrije Academie)
Theo Tegelaers (SKOR, curator en inwoner Den Haag)
Josee Meeuwenoord (adviseur)
Pietertje van Splunter (Quartair)

Bronnen
Jaarrekening 2004 (Bouwer & Officier Accountants)
Jaarrekening 2005 (Bouwer & Officier Accountants)
Jaarrekening 2006 (Bouwer & Officier Accountants)
Meerjarenbeleidsplan Vrije Academie 2005-2008
Advies Meerjarenbeleidsplan Kunst en Cultuur 2005-2008 (2004)
Conceptplan d.d. 15 maart 2005
Projectplan 'Revitalisering Vrije Academie 2005'
Verslag Stofwolken/Meester-Gezelmodel 2005/2006
De Nieuw Academie (DNA) in Den Haag (2006)
Aanvraag onderzoeksplatform PAIK bij Fonds 1818 (5 februari 2007)
Programma platformbijeenkomsten PAIK
Aanvraag geldstroom BKV 2005-2008 gemeente Den haag (Gemeente Den Haag, OCW)
Adviesaanvraag meerjarenbeleidsplan kunst en cultuur 2009-2012 (Gemeente Den Haag, OCW)
Brochure Gemak, Gemeentemuseum 2007

Publicaties Vrije Academie
Focus on China
Programma voorjaar 2007
Programma najaar 2007
Programma voorjaar 2006
Studium Generale november 2006
Studium Generale maart april 2007
Studium Generale maart april 2005
Studium Generale oktober december 2005

Home